Posted on

Rock ‘n Roll in de acrobatiek

Rock ‘n Roll in de acrobatiek
Acrobatische rock ’n roll is een showdans die zowel in een paar als in een groep gedanst kan worden. Het is een korte dans, maar zeer intensief. De danspassen worden op unieke wijze gecombineerd met acrobatische bewegingen en is door de jaren heen uitgegroeid tot een danssport die zelfs in het internationale circuit terug te vinden is.

Ontstaan van de dans

In de jaren twintig en dertig werd de Lindy hop gedanst op swingende muziek. Dit was de eerste dans waarbij de paren acrobatische bewegingen in de dans lieten voorkomen. Het acrobatisch rock ’n roll zoals het nu gedanst wordt is in de jaren zeventig van de vorige eeuw in Europa ontstaan. De muziekstijl die de basis voor rock ’n roll legt werd al in de Tweede Wereldoorlog door de Amerikaanse soldaten meegenomen naar Europa en de bewegingen op deze muziek volgden niet veel later. Hoewel deze dansen in eerste instantie werden omschreven als ‘dansen met gooi- en smijtwerk’, ging de acrobatiek een steeds grotere rol spelen en ontwikkelde de dans zich tot verantwoorde acrobatiek die uitsluitend met passende veiligheidsmaatregelen wordt beoefend.

Internationaal niveau

Sinds 1997 is acrobatische rock ’n roll een officieel internationaal erkende danssport. In 2001 werden de beste dansparen van deze dans zich op de World Games in Japan gepresenteerd aan de notabelen van de International World Games Association, waarop de danssport in juli 2005 in Duisburg officieel volwaardig onderdeel was van de World Games. De wedstrijden worden in zeven verschillende klassen gedanst, namelijk de A en B, de internationale klassen, de C en D1, de dans met acrobatiek zonder passenspel, de D2, de dans waarbij puur acrobatiek niet verplicht is, de Junioren met de leeftijd tot achttien jaar en tot slot de Jeugd, de dansers tot veertien jaar, waarbij nog geen acrobatiek plaats vindt in de dans.

Passenspel en acro-ronde

Binnen het acrobatisch rock ’n roll wordt onderscheid gemaakt tussen twee vormen, het passenspel en de acro-ronde. Hierbij is het passenspel de choreografie waar geen acrobatiek aan toe is gevoegd en de vorm met acrobatiek wordt de acro-ronde genoemd. De opvallende acrobatische bewegingen zijn onder andere de liftfiguren, de draaibewegingen, de salto’s en de overslagen. De basispas kan het best omschreven worden als vlot, energiek en ritmisch. Deze basispas bestaat uit zes tellen en bestaat uit een soort sprongen. Op de derde en de vijfde maat voeren de dames en de heren tegelijk hoge en felle kicks uit. Enkele basisvariaties op de pas zijn de spin en de plaatswissel.

Acrobatiek

Het toevoegen van acrobatiek aan de dans gebeurt heel geleidelijk en verantwoord. Het belangrijkst blijft, ook voor de jury, dat de dans veilig blijft. Zo is een driedubbele salto bijvoorbeeld niet toegestaan. Beginnende dansers voeren acrobatische bewegingen als de kniesprong, de spreidsprong en de hoogtesprong uit. De acrobatiek in de dansen op het hoogste niveau bestaat onder andere uit de dubbele salto voorwaarts en achterwaarts, welke voornamelijk door de vrouwen worden uitgevoerd.